Astatheros macracanthus

Astatheros macracanthus kunnen we nu niet bepaald kleurrijk noemen. Maar niet kleurrijk betekent nog niet niet attractief. Zeker in de broedtijd!

SKU: 24466 Categorieën: , ,

Astatheros macracanthus

Astatheros macracanthus kunnen we nu niet bepaald kleurrijk noemen. Maar niet kleurrijk betekent nog niet niet attractief. In de broedtijd zien deze dieren er met hun zwart-wit-contrasten er wel degelijk zeer aantrekkelijk uit. Dan kleuren de dwarsbanden op de achterste helft diep zwart waarbij de voorste twee zich vaak verenigen tot één brede V-vormige band. En dan wordt ook duidelijk waarom de dieren soms “zwartkelen” genoemd worden. De onderste helft van de kop kleurt dan namelijk van de mond tot aan de borstvinnen diep zwart. Een bijzonder kenmerk van deze dieren is de donkere vlek net onder de rugvin. Deze is uiteraard alleen buiten de broedtijd zichtbaar.

De vissen blijven ruim onder de 30 centimeter (Juan Artigas 2012). Mannetjes 25 en vrouwtjes ongeveer 21 centimeter. Dat is dan ook meteen het belangrijkste geslachtsverschil want voor de rest zien beide geslachten er identiek uit. Tijdens het voorspel en de uiteindelijke balts wordt het echter wel weer iets duidelijker. De vrouwen zijn dan meestal donkerder dan de mannen. Gezien de lengte van het verspreidingsgebied en de onderlinge isolatie van al die riviertjes die in de pacific uitmonden is een behoorlijke variatie te verwachten. Afwijkingen ten opzichte van deze beschrijving zijn dan ook niet ondenkbaar.

Etymologie

Macracanthus betekent “met grote stekels”. Vermoedelijk een verwijzing naar de harde vinstralen in de rug en anaalvin. Gunther zegt hierover in de eerstbeschrijving “Dorsal and anal spines are strong”.

Herkomst

Zuid-Mexico, Guatemala, El Salvador, Honduras.

Verspreiding

De vissen worden van het Zuiden van Mexico (Chiapas) tot aan Honduras (lake Yojoa) gevonden in rivieren en meren die uitmonden in de Pacific. Dit is ‘n vrij smalle strook van zo’n 100 km langs de Zuid-Pacific. Daarnaast zijn er in twee rivieren die aan de Atlantische zijde uitmonden ook Astatheros macracanthus gevonden. Te weten de Rio de la Venta en Rio Richuelo. Waarschijnlijk uitgezet… En dan ook nog eens aan de verkeerde kant van de berg. De Astatheros macracanthus staat bij de plaatselijke bevolking hoog aangeschreven als consumptievis.

De rivieren aan de Pacifische zijde zijn veel korter en steiler dan hun tegenhangers aan de Atlantische zijde. Hierdoor zijn de ecologische omstandigheden waarschijnlijk ook een stuk dynamischer. Dit betekent dat veel riviertjes in de droge tijd inkrimpen tot een aantal verspreid liggende poeltjes. Temperaturen kunnen dan zeer hoog oplopen. In de regentijd (voor zover je hier kan spreken van regentijd) kunnen deze droge beddingen in korte tijd weer veranderen in kolkende rivieren. Dit kenmerkt de grillige omgeving van Astatheros macracanthus. In de kustlagunes en meren waarin de Astatheros macracanthus ook voorkomt is het milieu uiteraard ‘n stuk milder. Hier moet zij echter het leefgebied delen met andere soorten, namelijk Paratheraps zonatus in Mexico en Amphilophus trimaculatus in de overige gebieden.

Gedrag

Dit zijn bentisch levende groepsdieren die in de vrije natuur in grote scholen rondtrekken, voortdurend met de kop omlaag op zoek naar voedsel. Het zijn zogenaamde Zand-zifters die voortdurend happen zand uit de bodem pikken dit rondkauwen, de eetbare delen doorslikken en de rest weer uitspuwen. Door dit groepsgedrag zijn de dieren niet overdreven agressief en tolereren ze mits daar een minimale afstand gerespecteerd wordt ook andere dieren in hun omgeving. In de broedtijd graven ze sterk. Broedkolonies van Astatheros macracanthus veranderen hun omgeving in een maanlandschap. Hierbij vertonen ze in de natuur een voorkeur voor de ondiepere gedeeltes.

Voedsel

Maagonderzoek toonde aan dat het bij Astatheros macracanthus om een alleseter gaat die kleine vissen, insecten, de larven hiervan, zoetwatersponzen, draadalgen, en de resten van waterplanten eet. (Hildebrand, 1925). En het begrip “alleseter” mag je hier héél ruim nemen want Juan Miguel Artigas presteerde het zelfs zijn dieren te laten wennen aan bananen. Houd er rekening mee dat voeding erg belangrijk is bij het tot stand komen van kleur en aangezien bij Astatheros macracanthus de kleuren slechts subtiel aanwezig zijn, is dit bij deze dieren een extra punt van aandacht. Voer dus rijk gevarieerd en altijd vanaf de bodem. Droogvoer laten zinken door even met de handen door het water te harken.

Kweek

Niet moeilijk. In de natuur broed Astatheros macracanthus in kolonies met territoria van nog geen meter uit elkaar. Het zou interessant zijn om eens te onderzoeken of de dieren in het midden van zo’n kolonie een hogere status hebben dan de koppels aan de randen van de kolonie. Hoever gaat de sociale structuur in zo’n groep? In het aquarium zetten de dieren meestal af op een hard horizontaal oppervlak (platte steen). Eitjes zijn klein en lichtbruin van kleur. De jongen worden van broedkuil naar broedkuil verhuisd. Men vermoed dat ze dit doen om nachtelijke rovers die op reukzin jagen op ‘n dwaalspoor te brengen. Als ze de jongen vrijzwemmen blijven de ouders met hun jongen nog lang in het eigen broedgebied. De school wordt door beide ouders compact en scherp gehoed. Jonge dieren kunnen koppelsgewijs worden gekweekt in aquaria vanaf 300 liter.

Aquarium

Astatheros macracanthus houd men bij voorkeur groepsgewijs in een bak vanaf 1,80 meter. Water hard en alkalisch. Temperatuur boven de 25 graden. Bodem bestaande uit fijn zand zodat ze naar hartelust kunnen ziften. Dit maakt tevens een goede filtering noodzakelijk. Bedenk dat deze dieren in sociale structuren van de eigen soort leven en dat grote medebewoners van andere origine deze cohesie gemakkelijk kunnen verstoren. Probeer (en dat geld eigenlijk voor alle dieren) altijd het natuurlijke milieu zoveel mogelijk te benaderen. Zowel in inrichting als bij het uitzoeken van medebewoners, voeding, waterwaardes etc. Bedenk hierbij, dat alleen vissen die zich helemaal op hun gemak en volledig in hun element voelen zich zullen tonen in hun mooiste kleuren. Mooi zijn is nu eenmaal niet zonder risico.

Video

Auteur

Rene Beerlink

Copyright foto’s

Lee Nuttall

Referentie

Astatheros macracanthus is de lijsttrekker van het geslacht Astatheros. Waar Macracanthus gaat, gaat Astatheros. Maar dit is niet altijd zo geweest. Astatheros macracanthus heeft ‘n zeer bewogen taxanomische geschiedenis.

De taxonomische geschiedenis van Astatheros macracanthus in chronologische volgorde:

  • 1864. Albert Günther beschrijft de vis in Report of a collection of fishes made by Messrs, Dow, Godman and Salvin in Guatemala. Zoölogical Society of London. 1864, pp. 144-154. als Heros macracanthus.
  • 1893. Eigenmann Brengt de vis onder in het geslacht Astronotus. De vis heet dan Astronotus macracanthus.
  • 1896. Jordan et al Brengt de vis onder in het geslacht Cichlasoma en veranderd ook iets aan de soortnaam. Hij noemt de vis nml. Cichlasoma macracanthum.
  • 1902. Vaillant en Pellegrinn herkennen de vis niet en beschrijven hem geheel opnieuw als Cichlasoma heterodontus.
  • 1904. Ook Meek beschrijft de vis opnieuw. Ditmaal als Cichlasoma evermanni. De vis heeft in dit jaar dus maar liefst 3 namen.
  • 1904. En om het nog iets ingewikkelder te maken richten Pellegrin en Jacques voor deze vis ook nog eens ‘n nieuw geslacht op. Astatheros. De vis heet dus voortaan Astatheros heterodontus. Want de update van Meek (evermanni) was ze natuurlijk nog even ontgaan.
  • 1905. Regan maakt vervolgens korte metten met al z’n voorgangers want Regan heeft ‘n hele grote zak en die zak heet Cichlasoma. Bovendien koppelt hij de vis weer aan de eerstbeschrijving van Günther en de vis heet voortaan dus Cichlasoma macracanthus.
  • 1907. Meek vindt het blijkbaar nodig om de naamgeving van z’n oude leermeester Jordan in ere te herstellen want hij noemt de vis twee jaar later Cichlasoma macracantum.
  • 1925. Hildebrand wilde op zijn beurt zijn oude leermeester Meek eren toen hij de vis opnieuw beschreef als Cichlasoma meeki.
  • 1934. De alom bekende vuurkeel echter die geen Helleri bleek te zijn eiste zijn tweede achternaam “Meeki” op zodat Hildebrand gedwongen werd zijn vis om te dopen. Het werd Cichlasoma guija.
  • 1983. Kullander pakt het geslacht Cichlasoma uit. Sektie 9 “Amphilophus” (waar ook Astatheros ooit aan toegevoegd was) wordt voortaan ‘n zelfstandig geslacht. De naam wordt dan Amphilophus macracanthus.
  • 1997. Roe et al. Doen genetisch onderzoek en waaruit blijkt dat Astatheros zich genetisch onderscheidt van Amphilophus. Het geslacht Amphilophus wordt in tweeën gesplitst. Het wordt dan Astatheros macracanthus.
  • 2008. Rican bevestigd met ‘n uitgebreid genetisch en morphologisch onderzoek de validiteit van de naam Astatheros macracanthus.
  • 2013. Bent u er nog..? Al 16 jaar dezelfde naam, maar nog steeds geen tijd voor ‘n feestje, want de status en verwantschap met de overige geslachtsleden is nog steeds bron van discussie. Wordt vervolgt.

Literatuur

Dr. Rüdiger Riehl, Hans A. Baensch. Aquarien Atlas Band 3. pp. 738-739.

Onze lezers score
[Totaal: 0 Gemiddeld: 0]

Extra informatie

Familie

Geslacht

Soortnaam

Broedgedrag

Dieet

Karakter

Sociaal Gedrag

Zone

Herkomst

Landen

, ,

Lengte Minimaal

Lengte Maximaal

Temperatuur minimaal

Temperatuur maximaal

pH minimum

pH maximum

Beoordelingen

Er zijn nog geen beoordelingen.

Wees de eerste om “Astatheros macracanthus” te beoordelen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *