Betta chini

Betta chini is een redelijk kleine Goerami die in de hobby zelden wordt aangeboden. Ze zijn dan ook minder kleurrijk dan veel andere soorten.

Categorieën: , ,

Betta chini

Deze soort is in 1993 beschreven door Professor P.K.L. Ng. Betta chini is vernoemd naar Dr. Phui Kong Chin. De geslachtsnaam Betta is afkomstig van de Maleisische lokale naam ikan betah voor deze soort vissen.

Herkomst

Het eerste exemplaar van deze soort (type exemplaar) is gevangen bij Beaufort, Sabah, Borneo. Betta chini is alleen bekend van de Sabah regio op Borneo.

Beschrijving

Betta chini werd gevonden in minder dan een halve meter diepe turfmoerassen. De bodem bestond hoofdzakelijk uit bladeren en turf. Over het algemeen betreft het hier een rustige soort die het beste in kleine groepjes gehouden kan worden. De rust hangt af van de vrouwtjes; er zijn gevallen beschreven waarbij er niets gebeurde maar er zijn ook gevallen beschreven waarbij de mannetjes hevig achterna gezeten werden en zelfs werden verwond door de vrouwtjes. Dit gedrag verschilt per individu en laat zich alleen zien voor de voortplanting.

Betta chini verlangt een redelijk formaat aquarium welke rijkelijk beplant moet zijn. Drijfplanten zijn ook zeer belangrijk, met name om het licht te dempen; deze soort houdt niet van veel licht. In bruin of theekleurig water laat deze soort de mooiste kleuren zien en voelen ze zich het prettigst. Gezien ze voorkomen in turfmoerassen speelt het water een belangrijke rol. De waarden die in het natuurlijk biotoop gemeten zijn moeten dan ook worden nagebootst; pH 4.5 tot 5, GH lager dan 3 en de gemeten temperatuur bedroeg 26.4°C.

Het is een redelijk klein blijvende Betta soort. Ze kunnen een maximale lengte bereiken van zo’n 6 centimeter.

Voortplanting van Betta chini

Betta chini is een muilbroeder. Na 1 tot 3 geslaagde omstrengelingen tijdens de voortplanting gaan het mannetje en vrouwtje naast elkaar staan. Dan volgt er een interessant ‘balspel;’ het vrouwtje spuugt 1 tot 8 maal enkele eitjes naar het mannetje. Meteen pakt het vrouwtje ze weer allemaal op, tenzij het mannetje sneller is. Uiteindelijk heeft het mannetje alle eitjes in zijn muil. Het totale aantal eitjes varieerd tussen de 40 en 50 welke na 12 dagen worden uitgespuugt. Op dat moment hebben de jongen al een lengte van 6 mm. Het mannetje verliest op dat moment zijn interesse voor de jongen maar deze kunnen gewoon in dezelfde bak blijven als het mannetje en vrouwtje; Betta chini vertoont geen cannibalisme. Dit alleen mogelijk als de bak groot genoeg is, bij een kleinere bak is het raadzaam eerst het vrouwtje en vervolgens het mannetje te verwijderen uit de bak.

Stefan vd Voort – Nederlandse Vereniging voor Labyrintvissen
Gepubliceerd in overleg met het bestuur

Copyright foto’s

Professor P.K.L. Ng
H. Linke

Onze lezers score
[Totaal: 0 Gemiddeld: 0]

Extra informatie

Familie

Geslacht

Soortnaam

Broedgedrag

Dieet

Herkomst

Landen

Lengte Minimaal

Lengte Maximaal

Temperatuur minimaal

Temperatuur maximaal

pH minimum

pH maximum

GH minimum

GH maximum

Beoordelingen

Er zijn nog geen beoordelingen.

Wees de eerste om “Betta chini” te beoordelen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *