Pelvicachromis sacrimontis

De Pelvicachromis sacrimontis lijkt erg veel op zijn zeer bekende neef de kersenbuik cichlide. Het zijn zeer kleurrijke klein blijvende cichliden die zeker opvallen in het aquarium.

Beschrijving

Pelvicachromis sacrimontis

De Pelvicachromis sacrimontis is voor het eerst beschreven in 1977 door Joachim Paulo in het maandelijkse Duitse journal DSG-Info. In het artikel beschreef Paulo de Pelvicachromis sacrimontis met een verwijzing naar de beschrijving van de Pelvicachromis kribensis van Boulenger uit 1911. Boulenger merkte al op dat de kribensis eigenlijk twee soorten betrof waar de Pelvicachromis sacrimontis de Pelvicachromis pulcher form B. of Pelvicachromis sp. sff. pulcher werd genoemd.

De naam werd in eerste instantie niet volledig geaccepteerd, hoewel goed beschreven ontbrak een type exemplaar. Ook werd de naam als junior synoniem bestempeld omdat de naam Pelvicachromis camerunensis in 1968 door Thys van den Audenaerde in omloop was gebracht. Dit was ten eerste slechts een commerciële naam en ten tweede ook zeer verwarrend aangezien deze soort niet afkomstig is uit Kameroen. De naam Pelvicachromis sacrimontis is in 2012 bevestigd door een herbeschrijving van Lamboj en Pichler waarbij wel type exemplaren zijn toegewezen.

De naam “Pelvicachromis” is op te delen in twee delen: “Pelvica” is Latijns voor pelvis of buik en wordt gecombineerd met “chromis” een oud woord voor vis. Sacrimontis kan worden opgebroken in twee Latijnse woorden: “sacer” betekend heilig en “montis” betekend berg. De naam is een verwijzing naar de Duitse bioloog Walter Heiligenberg.

Beschrijving

De Pelvicachromis sacrimontis is een langgerekte, slanke vis met een afgeronde staartvin. De mannen kunnen een totale lengte van zo’n 10 centimeter bereiken, de vrouwen blijven met hun 8 centimeter wat kleiner.

Twee donkere, bijna zwarte banden, lopen horizontaal over het lichaam, de onderste vanaf het oog tot halverwege de staartwortel, de tweede vanaf de bovenkant van de kop tot aan het einde van de rugvin. De twee donkere banden worden gescheiden door een geel/witte band. Tussen de ogen lopen eveneens twee donkere en twee geel/witte banden. Het bovenste deel van het oog valt goed op, aangezien dit goud/geel gekleurd is. Vanaf de hoek van de mond naar het kieuwdeksel toe loopt een iriserend blauw streepje. Op het kieuwdeksel zelf bevind zich altijd een zwarte vlek die vaak is afgezet met een blauw iriserende rand.

De buik toont veelal een rode valk die kan verdwijnen indien de vis gestrest raakt. De buikvinnen en rugvin zijn afgezet met rode en blauw iriserende accenten.

Bij de mannen zijn drie kleurvarianten te onderscheiden, de vrouwen van deze drie varianten vertonen geen verschillen:

  • Gele variant: Gele tot blauwige wangen, gele keel en buik afgezien van de rode vlek op de buik.
  • Groene variant: Heeft dezelfde kleurverdeling als de gele variant maar met een groenige kleur.
  • Rode variant: Onderste helft van de kop is helder rood inclusief de lippen. De keel en buik tot aan de anaalvin zijn ook roodgekleurd.

Het verschil is bij volwassen dieren vrij duidelijk te zien. De rug- en anaalvin zijn bij de man verlengd waardoor ze in een punt lijken te eindigen. Bij de vrouw zijn ze meer afgerond en korter. De vrouwen missen de accenten op de rugvin. Deze soort onderscheid zich doordat het voorste deel van de rugvin bijna geheel zwart is. Tijdens het paren is het duidelijkst zichtbaar dat het onderste deel van het zwart in de rugvin echt zwart is en het bovenste deel kleurt dan zwart/paars. Tijdens het paren kleurt de buik van de vrouwen het helderst rood om daarna weer wat in helderheid af te nemen.

Biotoop

Over het biotoop van de Pelvicachromis sacrimontis zijn niet veel details bekend anders dan dat ze in het Zuid-Westen van Nigeria afkomstig zijn. Ze worden echter in de handel gemengd met Pelvicachromis pulcher aangeboden. We mogen daarom aannemen dat ze hetzelfde biotoop bewonen. Denk hierbij aan kleine, rustig stromende riviertjes waar ze tussen takken, wortels, bladeren en het sediment op zoek gaan naar voedsel.

Dieet

In het wild voedt de Pelvicachromis sacrimontis zich met kleine voedseldeeltjes die ze vinden tussen het sediment, wortels en bladeren. Deze deeltjes zijn voornamelijk plantaardig met af en toe wat dierlijk voedsel.

In het aquarium moet het grootste deel van het voer dan ook plantaardig zijn, zoals spirulina vlokken en bijvoorbeeld granulaat voor herbivoren. Levend of diepvries voer zoals watervlooien en artemia kan af en toe gegeven worden. Wij adviseren om ze geen rode muggenlarven, mysis of tubifex te geven. Het darmkanaal van herbivoren is hier niet goed tegen bestand waardoor ze dood kunnen gaan.

Het Aquarium

De Pelvicachromis sacrimontis is geen drukke zwemmer maar scharrelt rustig over de bodem op zoek naar kleine voedsel deeltjes. Voor een koppel Pelvicachromis sacrimontis heb je dan ook geen groot aquarium nodig, een lengte van 65 centimeter bij 40 centimeter is al voldoende. Om een groepje van deze kleurrijke dwergcichliden te houden dient het aquarium wel wat groter te zijn. Denk dan aan een minimale lengte van zo’n 120 centimeter.

Richt het aquarium bij voorkeur in zoals hun natuurlijke leefomgeving. Begin met het fijnste filterzand op de bodem. Pelvicachromis sacrimontis zoekt tussen het sediment naar voedseldeeltjes, er mag zich dus best wat vuil op de bodem verzamelen. Door het fijne zand blijft het vuil bovenop liggen in plaats van tussen het grind te zakken. De combinatie met kiezelstenen geeft een meer natuurlijke uitstraling aan het oeverbiotoop. Richt het aquarium verder in met veel hout, takken, bladeren en planten. Het licht mag best wat gedempt worden of maak gebruik van drijfplanten.

Zorg ervoor dat er hier en daar holen worden gecreëerd waar ze zich kunnen verschuilen. Hou er rekening mee dat ze in het zand zullen graven om hun hol wat verder uit te diepen. Combineer ze lieer niet met andere holenbroeders zoals bijvoorbeeld vissen uit het Apistogramma geslacht.

Het water voor de Pelvicachromis sacrimontis moet van onberispelijke kwaliteit zijn. Ze zijn gevoelig voor een slechte waterkwaliteit wat zich kan uitten in buikwaterzucht, de ziekte waarbij de buik opzwelt en de schubben wijd uit gaan staan. Een vis die deze ziekte heeft opgelopen is helaas niet meer te redden. Gelukkig is het geen overdraagbare aandoening maar wel reden om direct water en filter te verschonen.

Zorg dan ook voor regelmatig onderhoud en hou het water op een pH tussen de 5.0 en 8.0 en de temperatuur tussen de 22 en 25 graden. Bij voorkeur niet teveel stroming in het water brengen. Let op dat de temperatuur in de zomer niet te hoog oploopt. Bij hoge temperaturen zijn ze gevoelig voor bacteriële infecties van hun ogen. De ogen zwellen hierdoor op en de vis is niet meer te redden. Ook hier geldt weer: zorg voor schoon water en verlaag de temperatuur.

Gebruik bij voorkeur nakweek exemplaren, deze zijn net zo mooi als de wildvang dieren en leggen minder druk op de biotopen. De kans op besmetting met parasieten is bij wildvang dieren ook veel kleiner. Veel wildvang vissen dragen uit hun natuurlijke leefomgeving parasieten met zich mee.

De Kweek

In een goed ingericht aquarium lukt het de Pelvicachromis sacrimontis doorgaans prima om een aantal jongen groot te brengen. Een speciaal kweekaquarium zonder andere vissen is alleen nodig indien je hele nesten wil overhouden.

De eieren worden door de vrouw aan het plafond van het hol geplakt en door de man bevrucht. Na het afzetten van de eieren bewaakt en bewaaierd de vrouw de eieren in het hol. Buiten het hol houdt de man de wacht. Na een paar dagen komen de eieren uit. Nog een paar dagen later kunnen de jonge Pelvicachromis sacrimontis vrij zwemmen, begeleid en beschermd door beide ouders. In een voldoende gerijpt en niet al te schoon aquarium zullen ze tussen het vuil op de bodem voldoende eetbaars vinden. Daarnaast eten ze mee van hetgeen de ouders gevoerd krijgen.

De Pelvicachromis sacrimontis ouders verzorgen hun jongen tot ze maximaal zo’n twee maanden oud zijn. Een nest kan tot zo’n 120 eieren bevatten.

Conclusie

Al met al is de Pelvicachromis sacrimontis een zeer kleurrijke soort die zeker een blikvanger in het aquarium zal zijn. Met wat zorg voor de waterwaardes zijn het taaie dieren die ook in een gezelschapsaquarium vaak wel wat jongen voort kunnen brengen. Deze soort is zeker een aanrader om eens te houden!

Auteur

John de Lange

Copyright foto’s

Desmo Tokyo

Extra informatie

Familie

Geslacht

Soortnaam

Synoniemen

Karakter

Broedgedrag

Dieet

Zone

Min. lengte aquarium in cm

Herkomst

Lengte Minimaal

Lengte Maximaal

Temperatuur maximaal

Temperatuur minimaal

pH minimum

pH maximum

Beoordelingen

Er zijn nog geen beoordelingen.

Wees de eerste om “Pelvicachromis sacrimontis” te beoordelen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *