Sciaenochromis fryeri

De Sciaenochromis fryeri is een kleine slanke jager die door zijn rustige gedrag ook bij de rustigere soorten gehouden kan worden. De kleur van de man is echt een blikvanger, zeker als hij goed in zijn vel zit en goed gevarieerd voer krijgt.

Beschrijving

Sciaenochromis fryeri

De Sciaenochromis fryeri is pas in 1993 voor het eerst beschreven door Ad Konings. Zijn naam is op te splitsen in Sciaena wat in het Latijn Zee betekend, Chromis betekend Baars in het Latijn. De soortnaam fryeri verwijst naar Geaffrey Fryer. De naam betekend vrij vertaald zoiets als “Zeevis qua kleur vernoemd naar Geoffrey Fryer.”

Synoniemen: Cyrtocara ahli, Haplochromis ahli, Sciaenochromis ahli, Haplochromis jacksoni.

De soort werd voorheen vaak verward met de Sciaenochromis ahli. Deze soort is minder diep metallic blauw gekleurd en wordt eigenlijk bijna nooit aangeboden.

Beschrijving

Het meest in het oog springende van de Sciaenochromis fryeri is de glanzend metalic blauwe kleur van de mannen. De zuidelijke populaties worden gekenmerkt door een prachtige witte bies die loopt van de lippen tot aan de staartvin. De meeste mannen van Likoma Island missen deze witte bies maar hebben een intenser rood gekleurde anaalvin.

De vrouwen blijven een wat saai bruin/grijs net als veel andere Malawi cichlide vrouwen. Doordat nakweek mannen niet al te agressief is en ook niet constant achter de vrouw aan jagen kun je volstaan met 1 man en 1 vrouw. Dit in tegenstelling tot veel andere soorten waarbij je vaak meer vrouwen dan mannen moet houden. Bij wildvang mannen ligt dit wat anders, zij zijn wat agressiever van aard en hebben meerdere vrouwtjes nodig om de agressie te verdelen over de vrouwen.

In het wild worden ze niet veel groter dan 12 tot 15 centimeter maar doordat we ze in het aquarium wat meer voeren kunnen ze dan wat langer en hoger van bouw worden. De mannen kunnen dan uitgroeien tot zo’n 20 centimeter.

Biotoop

Deze soort is nooit in grote getalen aangetroffen maar wordt wel in het hele Malawi meer gevonden. De eerste geexporteerde exemplaren werden gevangen bij Maleri Island en Cape Maclear maar sinds er hier een vangst verbod is afgekondigd komen de meeste Fryeri tegenwoordig van Likoma Island en de omringende riffen.

Ze bewonen de rotsachtige kusten en de overgangszones van rots naar zand.

Dieet

Deze soort is in het wild een echte viseter, jagend op hele kleine Mbuna en Copadichromis. In het aquarium kun je ze dan ook voeren met verschillende diepvriesvoeders zoals mysis, artemia, kleine stukjes vis, mosselen, gehakte garnalen etc. Ze nemen ook droogvoer zoals vlokken en pellets aan. Net als bij alle andere Malawi cichliden kun je ze beter geen tubifex voeren.

Het Aquarium

Een aquarium vanaf zo’n 150 centimeter en 400 liter is groot genoeg voor de Sciaenochromis fryeri. Je kunt daarin één man met een of meerdere vrouwen houden.

Het aquarium kan ingericht worden zoals gebruikelijk bij een Malawi aquarium. Op de bodem ligt zand, afgewisseld met stenen en rotsen. Zorg dat er voldoende schuil mogelijkheden zijn voor de vrouw om zich te verstoppen. Verder hebben ze veel zwemruimte nodig.

De Sciaenochromis fryeri houdt van erg schoon water, zorg dus voor regelmatige, grote waterverversingen en een filter wat ruim voldoende is voor het formaat aquarium.

Het Afzetten

In het wild maakt de man een kuil in het zand, vaak in de buurt van een overhangende rots. In het aquarium is niet voldoende ruimte waardoor hij ergens een ondiepe kuil maakt. Met trillende bewegingen lokt hij het vrouwtje. Al om elkaar heen draaiend legt de vrouw haar eieren in de kuil, de man draait met haar mee en bevrucht de eieren. Al door draaiend neemt de vrouw het bevruchte ei in haar bek om uit te broeden. Een legsel kan bestaan uit maximaal zo’n 30 tot 50 eieren.

Tijdens het broeden eet de vrouw in het geheel niet. Je kunt aan de keelzak duidelijk zien dat ze eieren in haar muil heeft. Meestal zijn de eerste legsels wat kleiner dan wanneer ze al heel wat ervaring heeft. Bij een vrouw met veel ervaring is de muil zo vol dat de jongen soms duidelijk zichtbaar zijn als je van dichtbij goed kijkt.

Opgroeien van de Jongen

Muilbroedende vrouwen, verbergen zich tussen de rotsen en laten hun jongen na 3 weken vrij. Als je de jongen wil laten opgroeien dan kun je de vrouw rond dag 18 of 19 uitvangen en in een klein aquarium plaatsen. De vrouw toont de eerste paar uur na het loslaten geen interesse in de jongen en zal ze verder waarschijnlijk niet meer terugnemen in haar muil. Na het uitspugen kun je de vrouw weer terugplaatsen in je gewone aquarium. Bij voorkeur geef je haar eerst twee weken rust om aan te sterken in een apart aquarium zonder mannen.

Als er heel veel schuilplaatsen in je gewone aquarium zijn in de vorm van stenen die klein genoeg zijn voor de jongen maar te groot voor de ouders dan kan het zijn dat er uit elk nest een paar jongen overleven. Je kunt de jongen voeren met verkruimeld vlokvoer of artemia.

De mannen krijgen de eerste blauwe kleur pas als ze ongeveer een jaar oud zijn.

Conclusie

Het is een kleine slanke jager die door zijn rustige gedrag ook bij de rustigere soorten gehouden kan worden. De kleur van de man is echt een blikvanger, zeker als hij goed in zijn vel zit en goed gevarieerd voer krijgt.

Video

Auteur

John de Lange

Copyright foto’s

Malawi’s Unlimited
John de Lange

Bronnen:

Datz 09/2001 pagina 13 Aquarien Praxis
Fishbase.org
Seriouslyfish.com
Aquamalawi.com

Extra informatie

Familie

Geslacht

Soortnaam

Karakter

Sociaal Gedrag

Broedgedrag

Dieet

Zone

Herkomst

Ecosysteem

Locaties

, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Lengte Minimaal

Lengte Maximaal

Temperatuur minimaal

Temperatuur maximaal

pH minimum

pH maximum

GH minimum

GH maximum

Beoordelingen

Er zijn nog geen beoordelingen.

Wees de eerste om “Sciaenochromis fryeri” te beoordelen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *