Trichopsis vittata – Knorgoerami

De Trichopsis vittata of Knorgoerami is een echte goerami. Dat wil zeggen dat je het aquarium ook voor goerami’s moet inrichten. Veel planten en ook drijfplanten, donkere bodem en weinig stroming.

Artikelnummer: Trichopsis vittata Categorieën: , ,

Trichopsis vittata – Knorgoerami

Trichopsis vittata is in 1831 officieel beschreven door Cuvier. Vittatus betekent ‘met banden, gestreept’ (vitta is band, streep of lijn). Dit verwijst naar de horizontale lijnen op het lichaam van de vittata. Dit zijn er meestal 3, maar afhankelijk van de vindplaats en van de stemming van de vis, kunnen meer of minder banden zichtbaar zijn.

De Nederlandse naam, knorgoerami, verwijst naar de geluiden die deze dieren maken bij opwinding (conflicten, seksuele toenadering e.d.). Ook de Engelse en Duitse naam voor deze soort verwijst naar de geluiden die hij maakt: croaking gourami, en knurrender Gurami.
In de landen van herkomst wordt deze soort o.a. ‘pla krim’ en ‘pla kat pa’ genoemd.

Beschrijving

De Trichopsis vittata is het grootste broertje van de twee andere bekende knorgoerami’s (Trichopsis pumila en Trichopsis schalleri). Net als zijn familie heeft deze vis een lichtbeige basiskleur met een donkere rug, groen iriserende stipjes op de flanken een een rood randje rond zijn helder blauwe ogen. Maar met een maximale lengte van rond de 7 cm is dit visje makkelijk te onderscheiden van zijn familie. Behalve door zijn formaat is deze vis meestal ook te herkennen aan de drie in plaats van twee donkerbruine strepen die van kop tot staart lopen. Kenmerkend voor Trichopsis vittata is een rood-bruin gekleurd lijntje, langs de onderzijde van de bek. Dit lijntje ontbreekt bij de beide ander Trichopsis soorten, T. pumila en T. schalleri.

Houden van Trichopsis vittata

Trichopsis vittata wordt regelmatig in de aquariumhandel aangeboden. Hoewel niet heel moeilijk te houden is de knor-goerami zeker niet een typische beginnersvis. De soort is gevoelig voor allerlei ziekten; dit geldt met name voor pas geïmporteerde dieren. Bovendien kunnen de mannetjes onderling behoorlijk agressief zijn. In Noord-oost Maleisië wordt deze soort zelfs uitgebracht in kempvis-wedstijden (gevechts-wedstrijden). Toch kan de Trichopsis vittata best in een groepje worden gehouden, ook wel met meerdere mannetjes, mits het aquarium daarvoor groot genoeg is en er vele schuilplaatsen zijn. Tegenover andere vissoorten is Trichopsis vittata zelden agressief.

Deze soort wordt gevonden in ondiepe wateren, met uiteenlopende waterwaarden (PH tussen 6 en 8, dH tussen 5 en 15). Ook qua temperatuur verdragen ze gemakkelijk behoorlijke verschillen, zo tussen de 22 en 30 graden celcius. De vissen lijken zich het prettigst te voelen bij wat hogere temperaturen; tussen de 25 en 28 graden. De vissen stellen kleine maar regelmatige waterverversingen op prijs, als richtlijn eens per week 10 tot 15% water vervangen. Een zeer lichte stroming in het water wordt probleemloos geaccepteerd, maar zoals veel labyrintvissen hebben de vissen een uitgesproken hekel aan een sterke stroming.

In hun natuurlijke habitats is volop vegetatie aanwezig, en ook in het aquarium wordt een dichte beplanting op prijs gesteld. Drijfplanten temperen het licht en bieden bovendien mogelijke nestplaatsen. Wel moet tussen de drijvende planten steeds voldoende open water zijn, zodat de vissen aan het wateroppervlak lucht kunnen happen. Om extra schuilplaatsen te creëren kan kienhout of en/steen worden gebruikt, of – afhankelijk van uw persoonlijke smaak – kunststof objecten die voor dit doel volop in aquariumwinkels worden aangeboden.

Dieet

Hoewel de knor-goerami niet zo’n heel klein visje is, is de mondopening wel relatief klein. Ze eten bij voorkeur daphnia, cyclops, artemia, niet te grote zwarte, witte en rode muggenlarven, en kleine insecten zoals fruitvliegjes. Wormpjes zoals grindalwormen, tubifex en enchytreeën worden met graagte verslonden, maar dienen door het relatief hoge vetgehalte spaarzaam te worden gegeven. Naast levend voer worden ook de diepvries-versies van de genoemde voederdieren gemakkelijk geaccepteerd.

Of de vissen al dan niet gemakkelijk droogvoer accepteren hangt vooral af van hun herkomst. Wildvang exemplaren zullen dit pas na enige tijd als voedsel herkennen en er waarschijnlijk erg kieskeurig in blijven. Exemplaren afkomstig van viskwekerijen of particuliere kwekers accepteren droogvoer meestal gemakkelijk; gevriesdroogd voer heeft daarbij meestal de voorkeur boven de bekende samengestelde vlokjes en granulaatvoeders. Desalniettemin doet u de vissen echt tekort wanneer u ze uitsluitend of vrijwel uitsluitend droogvoer aanbiedt.

Herkomst

Thailand, Vietnam, Indonesië (Sumatra en Borneo), Maleisië, Laos, Cambodja. Inmiddels ook door mensen geïntroduceerd in de Verenigde Staten, in de jaren vanaf 1976 (ecologische gevolgen nog onbekend).

Kweek van Trichopsis vittata – Knorgoerami

Om Trichopsis vittata te kweken dient men ten eerste de soort te huisvesten zoals hierboven beschreven is. Bovendien dienen de vissen door goed en afwisselend voer in kweekconditie te worden gebracht.
Het geslachtsonderscheid is niet zo eenvoudig. Man en vrouw kunnen even groot worden, en net zo mooi op kleur zijn. Het mannetjes heeft een meer gepunte staartvin, maar erg duidelijk is dit niet altijd. Het geslachtsonderscheid is wel goed te zien wanneer u de vissen uit het water haalt, en ze in een plastic zak of glazen pot bekijkt met scherp tegenlicht. Bij de vrouwtjes ziet u dan het inwendige vrouwelijk geslachtsorgaan doorschemeren, het is gelig van kleur en bevindt zich achter de overige organen (dus ten opzichte van de overige organen, het verst richting staart). Bij geslachtsrijpe vrouwtjes die kuit hebben aangezet is dit orgaan vrij groot. Bij de mannetjes ontbreekt vanzelfsprekend dit orgaan.

De knorgoerami is een schuimnest-bouwer. Meestal wordt het schuimnest onder een blad van een drijvende plant gebouwd, maar het komt ook voor dat een wat verder onder de waterspiegel gelegen holletje of onderkant van een dieper gelegen plantenblad wordt gekozen. Het mannetje bouwt het nest, maar soms wordt ook het vrouwtje toegestaan te helpen.

Bij de paring omstrengelt het mannetje de vrouw, waarbij hij haar op de rug draait. Het mannetje buigt hierbij zijn lichaam in een S-vorm. Op deze manier liggen de geslachtsopeningen dicht tegen elkaar aan wanneer eitjes en sperma vrij komen. De eitjes worden door het vrouwtje in kleine pakketjes van enkele stuks uitgestoten. Eitjes die niet direct in het nest terechtkomen, worden door zowel de man als vrouw verzameld en in het nest gespuugd. Wanneer de paring ten einde is verdrijft het mannetje zijn vrouw, én alle andere eventueel aanwezige vissen. Hierbij kan de man behoorlijk agressief zijn; het is daarom raadzaam het vrouwtje (en eventuele andere vissen) uit te vangen en in een ander aquarium onder te brengen.

De eitjes komen na circa 36 uur uit. De jongen teren eerst op hun eidooierzak en gedurende deze tijd verblijven ze nog in het nest. Na circa 4 tot 5 dagen is deze eerste voedselbron verbruikt en zwemmen de jongen vrij. Nu dienen de jongen te worden gevoerd met microscopisch kleine organismen (infusoriën); in aquariumwater dat al geruime tijd als zodanig wordt gebruikt zijn deze meestal al volop aanwezig. Infusoriën zijn ook te verkrijgen bij sommige aquariumwinkels, en bovendien vrij eenvoudig zelf te kweken. Ook Liquifry, een vloeibaar voer dat speciaal voor zeer kleine vislarven op de markt is gebracht, kan als (aanvullend) voeder dienen. Het nadeel van dit type voer is dat bederf van het voer en daarmee van het water een reëel risico is. Hetzelfde risico geldt voor ander niet-levend stofvoer, zoals verpulverd eigeel.

Na enkele dagen volop infusoriën zijn de jongen groot genoeg om pas uitgekomen artemia te vangen en te eten, en daarna al snel ook ander zeer klein levend voer zoals pas uitgekomen daphnia, azijnaaltjes, en micro-aaltjes.

Het mannetje kan het beste worden uitgevangen zodra de jongen gaan vrij zwemmen, hoewel het mogelijk is dat hij de visjes ook in dit stadium niet verstoort of oppeuzelt (de keuze is aan u!).

Conclusie

Trichopsis vittata kunnen afhankelijk van hun herkomst, bloedlijnen en gemoedstoestand heel verschillend van uiterlijk zijn. Sommige exemplaren hebben één of twee donkere vlekken, een stukje achter de kieuwen (variatie “Double Spot”). De kleuren van de vinnen kunnen variëren van doorzichtig, tot chocoladebruin gespikkeld, en/of met rode en blauwe accenten. Er bestaat ook een blauwe variant.

!!! Zowel Trichopsis vittata als Trichopsis pumila kunnen kruisen met Trichopsis schalleri !!!

Video

Auteurs

Stefan
Karen Koomans – Nederlandse Vereniging Labyrintvissen
Gepubliceerd in overleg met het bestuur

Copyright foto’s

Hung-Jou Chen
Grimfilth

Onze lezers score
[Totaal: 2 Gemiddeld: 4]

Extra informatie

Familie

Geslacht

Soortnaam

Synoniemen

,

Nederlandse Namen

Karakter

Sociaal Gedrag

Broedgedrag

Dieet

Zone

Herkomst

Landen

, , , , ,

Ecosysteem

, ,

Lengte Minimaal

Lengte Maximaal

Temperatuur minimaal

Temperatuur maximaal

pH minimum

pH maximum

GH minimum

GH maximum

Beoordelingen

Er zijn nog geen beoordelingen.

Wees de eerste om “Trichopsis vittata – Knorgoerami” te beoordelen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *