Killivissen

Killivissen voor Dummies

Killivissen voor Dummies

Natuurlijk, ik bied nog wel een Euro. Het zijn tenslotte hele mooie vissen. Hij gaat, hij gaat, en…..gedaan. Gefeliciteerd, je hebt zojuist je eerste killivissen  via een veiling gekocht! Weet je wat voor water condities ze nodig hebben? Wat ze eten? Met welke vissen ze samen kunnen? Hoe ze te kweken? Hebben ze een speciale behandeling nodig?

De kans is vrij groot dat je je eerste killivissen hebt verkregen op een veiling omdat ze niet vaak in de winkels in de buurt te vinden zijn. Als dat het geval is, dan staat de naam op de plastic zak waar ze in zitten en dan ben je al verder dan dat ik kwam toen ik mijn eerste killivissen kocht. Ik vond mijn eerste killivissen in een winkel. Het aquarium had geen label, geen planten en de jonge vissen van 2,5 centimeter lang zaten opeen gepakt in een hoekje op zoek naar wat beschutting in het kale aquarium van 120 liter met een sponsfilter in het midden van het aquarium. Ik kon niet zien wat voor geslacht het was laat staan welke soort maar ik wist wel dat het killivissen waren en ik wilde ze.

Toen ze eenmaal groot genoeg waren om te identificeren kon ik achterhalen dat het Aphyosemion filamentosum moest zijn. Ze groeiden uit tot zeer fraaie vissen en ik slaagde erin om ze te kweken en de jongen op te laten groeien met behulp van de killi expert van de club. Ik denk dat deze ervaring met die vissen me verslaaft heeft gemaakt aan killies en ik kijk altijd naar ze uit.

Maar goed, terug naar jou met de killies die je net hebt gekocht. Om je het proces van vallen en opstaan te besparen waar ik doorheen ben gegaan, kunnen we kijken naar een paar van de vaker voorkomende killivis geslachten. Ik laat van hen de lichaamsvormen zien voor het geval je geen naam van de vis hebt maar niet de verleiding kon weerstaan om ze te kopen.

Het geslacht Aphyosemion

Vissen uit het geslacht Aphyosemion hebben de volgende lichaamsvorm:

Aphyosemion australe
Aphyosemion australe

Ze zijn vaak fel gekleurd en de staart heeft vaak, maar niet altijd, twee fel gekleurde strepen aan de boven- en onderkant.

Aphyosemion komen uit Centraal en West Afrika. Ze zijn relatief makkelijk te houden en goede vissen voor de beginnende killi enthousiasteling.

De kleinere soorten zoals de Aphyosemion australe en Aphyosemion striatum kunnen uitgroeien tot een lengte van zo’n 5 centimeter wat ze geschikt maakt voor gezelschapsaquaria met medebewoners zoals Neon tetra‘s, Roodkopzalmen en andere kleine niet-agressieve vissen zoals Potloodvisjes. Ze zijn ietwat verlegen en stellen wat beschutting aan het oppervlakte op prijs in de vorm van eendenkroos of Riccia. Als je dit voor ze verzorgd kun je hier meestal rustig uitrustend terug vinden. Kleine Ancistrus of Otocinclus kunnen veilig worden toegevoegd om de algen onder controle te houden met daarbij een paar Corydoras om het plaatje compleet te maken.

Het voeren van Aphyosemion vormt geen probleem. Ze accepteren graag vlokvoer maar houden natuurlijk van vers uitgekomen artemia, watervlooien, grindal wormen, witte mug en bevroren voer zoals artemia en rode mug. In dit opzicht passen ze prima in het gezelschapsaquarium.

Gewoon kraanwater is voldoende voor het houden en kweken van deze vissen hoewel hun natuurlijke wateren iets zachter zijn. Ik heb verschillende Aphyosemion soorten gehouden en gekweekt in gewoon kraanwater zonder al te veel problemen te ondervinden. De meeste Aphyosemion leggen eieren in planten. De eieren komen uit na zo’n 12 tot 20 dagen en kunnen doorgaans vers uitgekomen artemia eten meteen nadat ze hun eidooierzak hebben verbruikt. In het gezelschapsaquarium zullen slechts enkelen overleven en we raden aan om een kweek aquarium te gebruiken als je meer dan een enkel jong wil laten opgroeien.

Ik heb gediscussieerd over het al dan niet opnemen van kweek informatie omdat dit artikel bedoeld is voor de beginner. Ik heb besloten om een korte beschrijving per geslacht te geven omdat veel aquarianen wel vissen houden zonder ze te kweken, maar de killi houders zijn hierop een uitzondering, zij kweken veelal altijd. Met de beperkte beschikbaarheid van killivissen, is het kweken van de vissen vaak de enige manier om de vissen in de hobby te kunnen houden. Daarnaast is het ook nog eens heel leuk!

Het kweken met de plant broeders kan op verschillende manieren worden gedaan, afhankelijk van hoeveel aquaria je wil gaan houden. Bij alle methodes gebruik je een aquarium van 10 tot 20 liter. Bij de eerste methode, zet je een klein aquarium op met schoon kraanwater en een sponsfilter. De vissen (de ration tussen mannen en vrouwen is niet echt heel belangrijk) doe je in het aquarium samen met Javamos en/of afzetmoppen waar de vissen de eieren in kunnen leggen. Na 10 dagen verwijder je de volwassen dieren en laat de eieren zitten totdat ze uitkomen.

Goed doorvoede volwassen vissen eten doorgaans de eieren niet op. De jongen kunnen in dit aquarium opgroeien totdat ze groot genoeg zijn om aan het gezelschapsaquarium te worden toegevoegd of totdat ze kunnen worden verspreid onder andere aquarianen. De jongen kunnen eenvoudig worden grootgebracht met verse artemia en infusoria, voeg daar fijn gewreven vlokken aan toe als ze eenmaal iets groter zijn geworden. Je kunt ook wat volwassen watervlooien aan de aquaria toevoegen waar de jongen in rond zwemmen. De watervlooien voeden zich met microscopisch materiaal in het water en laten de jongen met rust. Ze zorgen voor een constante stroom baby watervlooien, die door de killivisjes als snack worden gezien tussen de voedingen door zodra ze een week of twee oud zijn.

De tweede methode om platen broeders te kweken bevat slechts één aquarium maar geeft je niet veel jongen. In feite kun je het vissenbestand hiermee alleen behouden met af en toe een extra visje voor de verkoop of ruil. Een zwaar beplant 20 liter aquarium met een dikke laag kroos of Riccia is alles wat je nodig hebt. Doe er een paar vissen in en zij doen de rest. De jongen verstoppen zich in de dikke laag aan het oppervlakte en voegen zich bij de volwassen wanneer ze te groot zijn geworden om te worden opgegeten. Maak je niet druk om te bepalen wanneer dat zal zijn, de kleine visjes weten precies wanneer het veilig is om te voorschijn te komen.

Het geslacht Nothobranchius

Vissen uit het geslacht Nothobranchius zijn afkomstig uit de savannas van Oostelijk Afrika en bevatten de meest briljant gekleurde vissen die we in het aquarium tegenkomen. Ik kan goed begrijpen waarom iemand deze visjes in een impuls zou kopen; de kleuren zijn gewoon spectaculair! Ze hebben iets meer zorg nodig dan de Aphyosemion maar zijn zeker de moeite waard.

Over het algemeen ziet de lichaamsvorm van de Nothobranchius er zo uit:

Nothobranchius guentheri

Nothobranchius guentheri

De kleuren kunnen nogal variëren afhankelijk van de soort maar over het algemeen hebben ze veel rood en blauw. Erg mooi.

Deze vissen kunnen het best in een soort aquarium worden gehouden. Een koppel of trio kan worden ondergebracht in een 10 liter aquarium. Een 30 liter aquarium geeft ruimte aan 5 koppels. De mannen kunnen territoriaal zijn dus ik voeg graag hopen Javavaren toe zodat ze uit elkaars blikveld kunnen blijven. Ons kraanwater is prima voor ze maar je moet een klein beetje zout toevoegen om peperstip te voorkomen (ongeveer 1/2 tot 1 theelepel per 4 liter). Als ze ziek worden dan kunnen ze vrij snel doodgaan.

Nothobranchius eten alles wat ze kunnen doorslikken…mits het maar levend is. Je hoeft niet te proberen om ze vlokvoer te geven. Als ze het al eten dan is het niet graag en ze doen het er ook niet goed op. De beste en makkelijkste manier om ze te voorzien van voer is het laten uitkomen van artemia naupliën, grindal wormen en enhytreeën.

Deze vissen worden ook wel turf broeders of eenjarige vissen genoemd omdat ze hun eieren afzetten in de modder op de bodem van het water waar ze in leven. Deze wateren zijn vaak tijdelijk die opkomen in het regenseizoen en weer compleet opdrogen in het droge seizoen. De eieren ontwikkelen zich in de modder tijdens het droge seizoen en wanneer de regen weer komt en de poelen vult, dan komen de eieren uit en zetten de cyclus voort. Omdat hun levenscyclus is verbonden met het regenseizoen, leven deze vissen niet erg lang. Tegen de tijd dat ze een jaar oud zijn (als ze dat al halen) zijn het vissen die er oud uit zien met gebogen ruggen en vervaagde kleuren. Maar als ze nog jong zijn, WAUW!

Het weken in het aquarium gaat relatief eenvoudig en je hoeft echt geen modderachtig moeras te creëren. Ik hou mijn notho’s in een kaal aquarium met de eerdergenoemde Javavaren en spons filters. Om een plek te geven om eieren af te zetten, geef ik ze een doorzichtig plastic bakje met een paar steentjes onderin om het beneden te houden. Daarin in doe ik gekookt, afgekoeld en uitgespoelde turf. In het deksel maak ik een gat ter grootte van een 2 euro stuk waardoor de vissen naar binnen kunnen en dit voorkomt dat de turf zich over het hele aquarium verspreid. De vissen vinden de turf al snel en als bewijs zie je pufjes turf uit het gat vandaan komen als ze in de turf rond woelen.

De turf moet minstens iedere twee weken worden vervangen om te voorkomen dat anaerobe bacteriën de turf vervuilen. Om de eieren op te kunnen slaan voor de rust periode die ze nodig hebben, stop je de turf in een fijnmazig net en knijp je het meeste vocht er uit. Zorg er goed voor dat er geen vissen meer in het turf zitten voordat je gaat knijpen aangezien dit vrij desastreus is voor vissen (zoals ik heb ondervonden). De turf doe je dan in een plastic zak en rol de zak op vanaf de bodem. Op een sticker schrijf je de naam van de vis, de datum dat de eieren zijn opgeslagen en de datum dat de eieren weer opgegoten zouden moeten worden (opnieuw vochtig maken). Ga er niet van uit dat je deze dingen wel gaat onthouden, dat doe je echt niet. De sticker is belangrijk. De lengte waarop de eieren zouden moeten worden bewaard varieert behoorlijk van soort tot soort en je zal de incubatie periode moeten onderzoeken voor de soort die jij houdt. Deze periode ligt ergens tussen de 3 en 6 maanden. De temperatuur tijdens deze incubatie periode moet ergens tussen de 20 en 25 graden liggen.

Als de tijd daar is om de eieren weer op te gieten, mix je 2 liter water met een 1/2 theelepel zout (zonder jodium) en een druppel methyleen blauw om te voorkomen dat de eieren beschimmelen. Ik gebruik platte plastic bakken om het maximale wateroppervlakte te krijgen. Gooi te turf gewoon in het water en wrijf zachtjes klompjes uit elkaar. Roer drijvende turf zachtjes zodat de meeste turf op de bodem komt te liggen en laat het hele gedoe een paar uur rustig staan. De jongen beginnen na een paar uur uit te komen en blijven uitkomen gedurende zo’n 2 dagen. Als er na 24 uur nog steeds geen jongen zijn uitgekomen, knijp de turf dan opnieuw een beetje uit en sla het nogmaals een maand op. Als je de uitgekomen jongen verwijderd en het turf opnieuw droogt om verder nog zo’n 2 tot 4 weken te incuberen dan kun je daar meestal nog een tweede partij jongen uithalen. Hoewel de jongen er klein zijn, kunnen ze meestal al wel vers uitgekomen artemia naupliën eten als eerste voer, hier groeien ze ongelooflijk snel op. Tegen de tijd dat ze zes weken oud zijn hebben ze hun fantastische kleuren al en zijn klaar om eieren af te zetten zodat je de hele cyclus weer kunt herhalen.

De geslachten Aplocheilus en Epiplatys

Hoewel de vissen uit het geslacht Aplocheilus uit de omgeving van India / Maleisië afkomstig zijn en Epiplatys uit Oost Afrika komen, lijken de twee geslachten in het aquarium genoeg op elkaar om ze hier samen te behandelen.

De lichaamsvorm van deze vissen lijken hierop:

Aplocheilus lineatus

Aplocheilus lineatus

De positie van de bek en de platte rug vertellen ons dat deze vissen aan het oppervlakte zwemmen. In de vrije natuur blijven ze vlakbij het oppervlakte op jacht naar vliegende insecten en springen vaak boven het water uit om hun prooi te vangen. Houdt het aquarium goed gesloten aangezien het uitmuntende springers zijn.

Dit zijn goede vissen voor de beginnende killi houder aangezien ze niet al te moeilijk zijn qua water parameters of voeding. Vlokvoer, bevroren voer en worpjes worden graag gegeten. Gewoon kraanwater is prima voor deze vissen. Ze kunnen in het gezelschapsaquarium worden gehouden maar ze hebben de nare eigenschap alle vis op te eten die in hun nogal grote bek passen. Als je deze vissen wil houden, houdt dan in je achterhoofd dat sommige van deze soorten tot wel 10 centimeter lang kunnen worden.

Deze vissen hebben een interessante eigenschap ontwikkeld die ze helpt bij het overleven aan het wateroppervlak. Bovenop hun kop hebben ze een lichtgevoelig orgaan die soms ook wel hun derde oog wordt genoemd. Hoewel de vissen geen vormen kunnen zien met hun derde oog, is het wel gevoelig voor licht en waarschuwt de vissen voor jagers die van boven komen. Als je je hand langzaam boven een van deze vissen brengt die aan het oppervlakte rust dan duikt hij op zoek naar beschutting.

Je kunt deze vissen in het aquarium eenvoudig vangen door een netje onder hen te brengen. Hun voornaamste focus is gevestigd boven hen en ze besten weinig aandacht voor het water onder hen.

Deze vissen zijn planten broeders en voor de kweek kun je ze hetzelfde behandelen als de Aphyosemion. De eieren komen na zo’n 12 tot 14 dagen uit en de jongen zijn groot genoeg om vers uitgekomen artemia naupliën te eten als eerste voer.

Het geslacht Cynolebias

Dit zijn een-jarige turf broedende vissen maar dit keer uit Zuid Amerika. Het geslacht Cynolebias is het grootste geslacht van alle Zuid Amerikaans een-jarige killivissen en komen voor van Brazilië tot bijna de punt van Argentinië. Hoewel niet zo kleurrijk als de Nothobranchius uit Afrika, zijn deze vissen nog steeds zeer aantrekkelijk en interessant om te houden.

De basis lichaamsvorm lijkt op die van de Nothobranchius maar deze vissen hebben meer uitgesproken vinnen. De tekening hieronder is van de Cynolebias constanciae, een inwoner van Brazilië:

Cynolebias constanciae

Cynolebias constanciae

Deze vissen geven de voorkeur aan levend voer en doen het niet goed zonder dit voer. Het onderhouden van worm culturen is niet al te moeilijk en als je die nog niet hebt zou je dat zeker moeten proberen. Je kunt voor een euro aan brood uitstekend visvoer kweken en geloof me, het maakt een wereld van verschil voor je vissen. Naast de wormen, zijn artemia en watervlooien uitstekend voer voor deze vissen.

De temperatuur zou moeten liggen tussen de 20 en 25 graden en gewoon kraanwater is acceptabel hoewel ze liever iets zachter water hebben als je daar voor kunt zorgen. Deze vissen zijn vaak wat schuw en wat beschutting in de vorm van eendenkroos zorgt ervoor dat ze zich wat veiliger voelen.

Voor de kweek kun je dezelfde bakjes gebruiken als bij de Nothobranchius maar als je interessant gedag wil zien probeer dan eens een potje helder glas. De man hangt boven de turf en spendeert bijna al zijn tijd aan het lokken van de vrouwen om te paren. De vrouwen brengen hun dag al etend en zwemmend door en komen alleen in de buurt van de turf als ze klaar zijn om af te zetten. De eieren worden op dezelfde manier opgeslagen als bij de Nothobranchius. De incubatie tijd varieert ook hier erg en je zal moeten uitproberen wat deze periode is voor jouw vissen.

Meer Leesvoer

Er zijn drie boeken die ik je zou willen aanraden als je beginnend Killi houder bent.

  • Success with Killifish, door Edward Warner. 1977, Palmetto Publishing Company, St. Petersburg, Florida.
    Dit boek is geschreven door een hobbyist en omvat onderwerpen als water condities, verlichting, levend voer, opgroeien van de jongen, afzetmoppen, turf broeders en incubatie tijden voor verschillende populaire soorten. Ik vind dit een goed boek omdat het is geschreven in eenvoudige bewoording en legt de nadruk op belangrijke informatie.
  • A Hobbyist’s Guide to South American Annual Killifish door Roger Brousseau, 1994. Dit is een ander boek wat is geschreven door een hobbyist en beslaat echt alles wat je zou willen weten over Zuid Amerikaanse eenjarige killivissen. Ik beschow dit als een “Moet lezen” voor iedereen die deze vissen wil houden.
  • Killifish van Barron’s Educational Series Inc., 1990. Een ander fantastisch boek, dit boek beslaat een zeer uiteenlopend aantal onderwerpen over killivissen van verschillende geslachten. Het is makkelijk te lezen en de foto’s zijn zeer mooi.

Oorspronkelijke publicatie: The Calquarium Volume 40, Number 9, 1998.
Bron: Aquarticles (niet meer beschikbaar)
Vertaling: J. de Lange

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *